De cursus is bedoeld als een thematische introductie in de architectuurgeschiedenis van het Westen en het Niet-Westen. In ieder college worden behandeld ? periode of ? regio ?een bepaald type gebouw dat karakteristiek is voor die periode of regio. Centraal staat telkens ? concreet voorbeeld van zo’n gebouw. De gebouwtypen en de bijbehorende voorbeelden zijn gekozen zowel uit de Westerse als uit de niet-Westerse architectuurgeschiedenis en beslaan ongeveer 1700 jaar (van ca. 300 n.C. tot heden). Als typisch voorbeeld van een ‘17de/18de-eeuws Barokpaleis’ zal het paleis van de Franse koningen in Versailles worden behandeld. Verder komen aan bod: de moskee in de Arabische wereld, de Gotische kathedraal, de 16de-eeuwse Italiaanse Renaissance-villa, het traditionele woonhuis in Indonesi?n het 19de-eeuwse kunstmuseum.Elk type gebouw wordt op drie punten geanalyseerd: de ‘functie’ – daarmee wordt bedoeld de ‘culturele context’ waarbinnen dit type gebouw is ontstaan -, de ‘vorm’ – dat wil zeggen de ‘stijlperiode’ – en de ‘inhoud’ – dat laatste houdt in de ‘betekenis’ of de ‘symboliek’ van het gebouw en van zijn onderdelen.
Rooster:
voltijd: periode 4 febr. 2004 t/m 10 mrt. 2004
woensdag 11.00-13.00 uur en vrijdag 09.00-11.00 uur
deeltijd: periode 5 febr. 2004 t/m 15 mrt. 2004
donderdag 18.45-20.15 uur
Onderwijsvorm
Hoorcolleges
Toetsing
Schriftelijk tentamen. Eventueel van 3 ECTS uit te breiden tot 8 ECTS
Literatuur
- Kleiner, F.S., Mamiya, Chr. J. (red.), Gardner’s Art Through the Ages, Forth Worth, Philadelphia, San Diego: Harcout College Publishers, 2001, 11de editie, ISBN 0-15-508315-5
- reader