Studiegids

nl en

Wetenschapsjournalistiek (verdiepingsvak)

Vak 2010-2011

Toegangseisen

Dit vak is alleen te volgen als onderdeel van de PraktijkStudie Journalistiek en Nieuwe Media (30 ects).
Om te kunnen starten met een PraktijkStudie moet je minimaal het Bindend Studie Advies (40 ects) hebben behaald.

Beschrijving

Studenten verdiepen zich in theorie en praktijk van de wetenschapsjournalistiek. Zij recenseren een populair-wetenschappelijk boek, leveren een bijdrage aan een weblog over factchecken en schrijven een reportage of een achtergrondartikel. Voor deze laatste opdracht benaderen studenten in duo’s een redactie met een voorstel voor een artikel, met het doel dat ook daadwerkelijk te publiceren.
Doelmatig gebruik van internetbronnen speelt bij het merendeel van de opdrachten een voorname rol. Ook gaat de aandacht uit naar allerlei onderzoekstechnische valkuilen waarmee wetenschapsjournalisten vaak te maken krijgen.
Daarnaast verdiepen de studenten zich in de wetenschappelijke literatuur over wetenschapsjournalistiek. Ze bestuderen de manier waarop journalisten in hun berichtgeving omgaan met resultaten uit wetenschappelijk onderzoek, hoe media sociale problemen construeren en de rol die wetenschappelijk onderzoek daarin speelt. Speciale aandacht gaat uit naar wetenschappelijke controverses (bijvoorbeeld het klimaatdebat) en de wijze waarop journalisten daarmee omgaan. Studenten reflecteren op de taak van de wetenschapsjournalist en op wetenschapsjournalistieke technieken. Dit wordt getoetst in een tentamen en in het logboek dat zij bijhouden over artikel en factcheck. Eén college wordt verzorgd door een gastdocent. Eindproduct: publicabel artikel, bericht op factcheckblog.

Leerdoelen

Na afronding van het programma hebben studenten kennis van en inzicht in:

  • De doelen, mogelijkheden en problemen waarin wetenschapsjournalistiek zich onderscheidt van andere journalistieke vakgebieden
  • De belangrijkste kenmerken van het wetenschapsjournalistieke achtergrondartikel
  • Het volledige proces van opdracht tot publicatie
  • De voornaamste voor wetenschapsjournalisten relevante zoekmachines, zoektechnieken en websites
  • Enkele thema’s uit de recente internationale onderzoeksliteratuur op het gebied van wetenschapsjournalistiek
  • De eisen die in de journalistiek worden gesteld aan factchecking en de methoden om feiten te checken.

En daarmee samenhangende vaardigheden op het gebied van:

  • Zelfstandig reflecteren over de verdiensten van wetenschapsjournalistieke publicaties
  • Het schrijven van wetenschapsjournalistieke achtergrondartikelen
  • Het aanbieden van een tekst voor publicatie
  • Het benutten van de voornaamste voor wetenschapsjournalisten relevante zoekmachines, zoektechnieken en websites
  • Het toepassen van bevindingen uit onderzoeksliteratuur op de (eigen) praktijk;
  • Factchecking

Rooster

Seminars vinden plaats op woensdagavond. Collegerooster PraktijkStudie Journalistiek en Nieuwe Media

Onderwijsvorm

Werkcollege.

Toetsing

Cijfer op basis van publicabel artikel (2 maal), bijdrage aan het factcheckblog (2 maal), tentamen (2 maal), participatie in de werkgroep en logboek (1 maal). Het is niet mogelijk om de werkgroep met een voldoende af te sluiten als het factchecken of het artikel onvoldoende zijn. Niet gepubliceerde artikelen worden ten hoogste met een 6 beoordeeld.
Bij dit verdiepingsvak behoort het Seminar Journalistiek en Nieuwe Media. Het eindcijfer voor dit verdiepingsvak kan pas worden toegekend als het seminartentamen met een voldoende resultaat is afgesloten.

Blackboard

Er wordt gebruik gemaakt van Blackboard.

Literatuur

Literatuur wordt grotendeels ter beschikking gesteld via Blackboard.

  • Burger, Peter (2009). Gepopulariseerde wetenschap. In: P. Burger & J. de Jong, Handboek Stijl. 2e ed. Groningen: Noordhoff.
  • Burger, Peter, Dersjant, Theo, en Alexander Pleijter (2009). Factcheckers lopen achter de feiten aan. Hoe de luis in de pels luizen in de pels kreeg. In: Bert Ummelen (red.), Journalistiek in diskrediet (pp. 81-94). Diemen: AMB.
  • Burgess, Adam (2004). Cellular Phones, Public Fears and a Culture of Precaution. New York: Cambridge University Press.
  • Hijmans, E., Pleijter, A. & Wester, F. (2003). Covering scientific research in Dutch newspapers. Science Communication 25, 153-176.
  • Molotch, Harvey, & Lester, Marilyn (1974). News as Purposive Behavior. On the Strategic Use of Routine Events, Accidents, and Scandals. American Sociological Review 39, 101-112.
  • Stocking, S. Holly (1999). How journalists deal with scientific uncertainty. In Friedman, Dunwoody & Rogers (red.), Communicating uncertainty. Media coverage of new and controversial science (pp. 23-41). Mahwah (NJ): Lawrence Erlbaum.
  • Tuchman, Gaye (1972). Objectivity as strategic ritual. An Examination of Newsmen’s Notions of Objectivity. American Journal of Sociology 77, 660-679.
  • Vasterman, Peter, Scholten, Otto & Ruigrok, Nel (2008). A Model for Evaluating Risk Reporting: The Case of UMTS and Fine Particles. European Journal of Communication 23, 319-441.
  • Weaver, David A., Lively, Erica, & Bimber, Bruce (2009). Searching for a Frame: News Media Tell the Story of Technological Progress, Risk, and Regulation. Science Communication.31, 39-166.

Aanmelden

Studenten van de PraktijkStudie Journalistiek en Nieuwe Media kunnen hun voorkeur voor dit verdiepingsvak kenbaar maken. In de loop van het eerste semester ontvang je hierover een mail van de studiecoördinator JNM. Aanmelden voor de PraktijkStudie Journalistiek en Nieuwe Media

Contact

Opmerkingen

Aanwezigheidsplicht

Voor dit college, dat voor een belangrijk deel bestaat uit het aanleren van vaardigheden, geldt een aanwezigheidsplicht. Bij twee gemiste colleges krijgen studenten een extra opdracht ter compensatie, bij drie gemiste colleges moeten zij de werkgroep volgend jaar overdoen.

Studielast

Totale studielast: 280 uur.

  • Contacturen: 52 uur
  • Literatuur: 30 uur
  • Artikel: 70 uur
  • Factchecken: 40 uur
  • Logboeken: 8 uur
  • Kleinere opdrachten: 14 uur
  • Tentamen: 10 uur
  • Bijwonen seminars 14 uur
  • Bestuderen literatuur seminar: 42 uur