Vanwege de coronamaatregelen kan de onderwijsvorm of tentaminering afwijken. Zie voor actuele informatie de betreffende cursuspagina’s op Brightspace.

Studiegids

nl en

Thema Effecten van geneesmiddelen 2

Vak
2012-2013

Thema Effecten van geneesmiddelen 2 is het tweede deel van het vak thema Effecten van geneesmiddelen en wordt gegeven in het eerste studiejaar. Het eerste deel van het thema is eerder in het eerste studiejaar gegeven, het derde deel volgt later in het tweede studiejaar. De drie onderdelen van het thema Effecten van geneesmiddelen betreffen het basisonderwijs in de Farmacologie en Toxicologie. In het kader van de blokken Farmacologie en Toxicologie, later in de studie, komen capita selecta en specialistische onderwerpen alsnog aan de orde!

De vakken Fysiologie en Pathologie worden deels voorafgaand, deels geintegreerd met thema Effecten gegeven.

Coordinator

Mw. dr. E.C.M. de Lange

Doelgroep

BFW1

Toegangseisen

Thema Effecten van geneesmiddelen 1

Doelstelling

Eindtermen (deel 1 en 2):
1. De studenten hebben adequate kennis van ADME: Absorption, Distribution, Metabolism, Excretion van farmaca
2. De studenten hebben adequate vaardigheden betreffend de farmaco-/toxicokinetiek. Het gaat om zowel “mathematische vaardigheden” (het kunnen uitrekenen) als om de interpretatie in het kader van gewenste en ongewenste effecten.
3. De studenten hebben adequate kennis van biotransformatie en de gevolgen daarvan voor werkzaamheid en toxiciteit van een middel.
4. De studenten zijn op de hoogte van fundamentele werkingsmechanismen van farmaca in termen van receptoren, signaaltransductie, diverse typen antagonismen etc.
5. De studenten hebben inzicht in de relatie tussen farmacokinetiek en farmacodynamie (incl. dosis-werkingsrelaties) van farmaca in vivo.
6. De studenten hebben inzicht in oorzaken van speciesverschillen en interindividuele verschillen bij de mens in effecten van farmaca.
7. De studenten hebben een overzicht van enkele belangrijke klassen geneesmiddelen/therapeutische groepen. Ze weten op welke rationele overwegingen een therapie wordt gekozen. Deze kennis is beslist niet encyclopedisch, maar methodologisch van opzet (dus: niet de volledige farmacotherapie).
8. De studenten zijn op de hoogte van de belangrijkste toxiciteitsverschijnselen van farmaca (opnieuw: niet encyclopedisch). Ze kennen de principes en aanpak van het veiligheidsonderzoek van farmaca.
9. De studenten zijn op de hoogte van overwegingen bij het vaststellen van een efficacy/ safety balans van een geneesmiddel.
In het kader van het thema wordt een serie farmacotherapievoordrachten met patiëntendemonstraties gegeven. Doelstellingen:

  • Laten zien wat het betekent patiënten met een bepaalde ziekte te zijn.

  • Laten zien hoe diagnose gesteld wordt en hoe belangrijk een scherpe diagnose is.

  • Laten zien, dat de farmacotherapie bepaald wordt door de diagnose.

  • Laten zien hoe ‘dezelfde’ ziekte meerdere zeer verschillende farmacotherapeutische benaderingen kan hebben.

  • Laten zien hoe het ‘mechanisme van de ziekte’ ingrijpen op verschillend niveau met verschillende farmaca kan vereisen.

  • Laten zien dat farmacotherapie bijwerkingen heeft.

  • Laten zien hoe farmaca gebruikt (moeten) worden.