Studiegids

nl en

Organisatieverandering in de Publieke Sector

Vak 2013-2014

Toegangseisen

Alleen toegankelijk voor studenten van Management van de Publieke Sector.

Beschrijving

Organisaties die tot de publieke sector behoren, maken in Nederland ingrijpende veranderingen door. Reorganisaties zijn bij overheidsorganisaties en onderwijs-, zorg- en welzijnsinstellingen aan de orde van de dag. Organisatieveranderingen hebben betrekking op de structuur, de cultuur en het management van organisaties en hebben tot doel de effectiviteit en de efficiëntie te vergroten. Uiteraard verschillen de aard en het tempo van de doorgevoerde veranderingen van organisatie tot organisatie. Toch zijn er gemeenschappelijke elementen in de pogingen tot organisatievernieuwing in de publieke sector, die onder andere naar voren komen in het gebruikte jargon; of het nu om thuiszorginstellingen, de politie, woningcorporaties of gemeenten gaat, alle proberen ze een ‘klantvriendelijke’, ‘bedrijfsmatige’, ‘cliëntgerichte’, ‘marktconforme’ werkwijze te realiseren en werken ze aan ‘competentiemanagement’, ‘employability’ en ‘empowerment’. Het bedrijfsleven geldt daarbij als rolmodel. In de praktijk gaan die vernieuwingen met veel problemen gepaard en bestaat er vaak een grote discrepantie tussen de oogmerken van allerlei ‘verbeteringen’ en de feitelijke effecten ervan.
In de cursus staan de volgende zes vragen centraal.

  1. Wat zijn de drijfveren van publieke organisaties om zich te vernieuwen, wat zijn de gestelde doelen en hoe verloopt de besluitvorming over de vernieuwing?
  2. Hoe verloopt de vernieuwing, welke weerstanden doen zich voor en welke conflicten spelen zich af?
  3. Tot welke feitelijke veranderingen op het niveau van de structuur, de cultuur en het management van organisaties leidt de vernieuwing?
  4. Welke rol spelen machtsverhoudingen bij organisatieveranderingen?
  5. Wat zijn de bedoelde en onbedoelde effecten van de pogingen tot organisatievernieuwing?
  6. Welke factoren bepalen het slagen dan wel falen van organisatievernieuwing?

In een serie werkgroepbijeenkomsten wordt theoretische en empirische literatuur over organisatievernieuwing, met inbegrip van de machtsaspecten, besproken. Tevens komen concrete voorbeelden van zich vernieuwende publieke organisaties aan de orde. In drie opdrachten moeten de deelnemers zelf relevante literatuur bespreken en aspecten van organisatievernieuwing analyseren.

Leerdoelen

Na afloop van de cursus hebben de studenten inzicht in

  • de relevante aspecten van organisatieverandering;
  • de rol die machtsverhoudingen spelen bij organisatieverandering;
  • de factoren die het slagen dan wel falen van organisatieverandering beïnvloeden;
  • de specifieke kenmerken van organisatieverandering in de publieke sector;
  • de verschillende theoretische benaderingen van organisatieverandering.

Rooster

Het (voorlopig) rooster staat op de eerste pagina van de e-Gids.

Onderwijsvorm

Werkgroepen

Toetsing

Drie papers, die elk 33,33% van het eindcijfer bepalen. Het gemiddelde moet ten minste een 5.5 zijn.

Blackboard

Docent maakt gebruik van Blackboard. Deze cursus is in Blackboard beschikbaar vanaf uiterlijk maandag 2 september

Literatuur

Studiemateriaal

  • David Buchanan & Richard Badham (2008), Power, Politics and Organizational Change. Winning the Turf Game, Los Angeles etc.: SAGE, Second Edition.
  • Christiane Demers (2007), Organizational Change Theories. A Synthesis, Los Angeles etc.: SAGE
  • Daarnaast werkgroepenslides.

Aanmelden

Via USIS

Contact

Dr. Wim van Noort

Opmerkingen

-