Vanwege de coronamaatregelen kan de onderwijsvorm of tentaminering afwijken. Zie voor actuele informatie de betreffende cursuspagina’s op Brightspace.

Studiegids

nl en

Privatissimum en practicum: Bestuursrecht in de Europese rechtsorde

Vak
2015-2016

Toegangseisen

Bachelor Rechtsgeleerdheid (zie ook OER).

Beschrijving

Het Europese recht (EVRM en EU-recht) heeft grote invloed op het nationaal bestuursrecht. Deze invloed doet zich niet alleen gevoelen in het algemeen deel van het bestuursrecht, maar geldt ook voor de bijzondere delen, zoals het milieurecht (stopgezette bouwprojecten wegens Europese normen voor fijn stof), het mededingingsrecht (het optreden van de NMa tegen bouwbedrijven i.v.m. verboden prijsafspraken), het financieel bestuursrecht (Nederlandse subsidies moeten van de Europese Commissie worden teruggevorderd omdat zij verboden staatssteun opleveren) en het vreemdelingenrecht (zo heeft het Hof van Justitie bepaald dat de Nederlandse autoriteiten bij de beoordeling van een verzoek om erkenning als vluchteling niet mogen verwachten dat de asielzoeker, ter vermijding van het risico van vervolging, in zijn land van herkomst zijn homoseksualiteit geheim houdt). In de eerste twee weken van het vak zal de doorwerking van het EVRM in het nationale bestuursrecht centraal staan. Daarbij zal ook worden ingegaan op de relatie met de grondrechtenbescherming in de EU (Handvest EU). De zes weken daarna zullen in het teken staan van de doorwerking van het EU-recht. Om de doorwerking van het EU-recht in het nationale bestuursrecht te kunnen begrijpen, zal allereerst worden ingegaan op de algemene Europeesrechtelijke beginselen die deze doorwerking beheersen, zoals de beginselen van voorrang, loyale samenwerking, de conforme interpretatie, rechtstreekse werking en de lidstaataansprakelijkheid.

Ook wordt aandacht besteed aan implementatie van het EU-recht in het algemeen en de concepten gedeeld en gemengd bestuur. Vervolgens wordt ingegaan op de inkadering van het bestuurs(proces)recht door het EU-recht. Aan de orde komen de institutionele en procedurele autonomie, de beginselen van gelijkwaardigheid, doeltreffendheid en effectieve rechtsbescherming. Ook wordt de invloed van het EU-recht op de kernbegrippen van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) in beeld gebracht. Kunnen de in de Awb gehanteerde begrippen, zoals bestuursorgaan, belanghebbende en besluit onverkort worden gehandhaafd? Verder wordt ingegaan op de beïnvloeding door het EU-recht van de algemene beginselen van behoorlijk bestuur, de handhaving en het bestuursprocesrecht. De laatste twee weken zal de invloed van het EU-recht en het EVRM aan de hand van twee bijzondere rechtsterreinen worden geïllustreerd. Hoe werkt die invloed in de praktijk uit binnen het staatssteunrecht (week 9) en het vreemdelingenrecht (week 10).

Leerdoelen

Doel van het vak:
Dit vak is zowel theoretisch-verdiepend als praktisch van aard. In de eerste plaats beoogt het vak u grondig kennis te laten nemen van het Europese recht en (vooral) de wijze van doorwerking in het nationale bestuursrecht en de consequenties daarvan. Daarnaast is veel plaats ingeruimd voor het bediscussiëren van uitspraken, waarbij begrip en kennis van de Europese invloeden centraal staan. Daardoor, maar vooral ook door het Europese perspectief van waaruit het nationale bestuursrecht wordt benaderd, vormt het vak een belangrijke verdieping van de bestuursrechtelijke kennis die in de Bachelorfase is opgedaan en bereidt het u voor op de praktijk van het moderne bestuursrecht, mede via training van analytische en schriftelijke vaardigheden.

Eindkwalificaties (eindtermen van het vak)
Na afronding van het vak heeft u de volgende kwalificaties verworven:

  • Verwerving van grondige juridische kennis over het Europese (bestuurs)recht en de invloed daarvan op het Nederlandse bestuursrecht.

  • U bent in staat ten aanzien van een Europeesrechtelijk onderwerp dat van invloed is op het Nederlandse bestuursrecht een standpunt in te nemen en dat uit te leggen en te verdedigen.

  • Onderzoeksvaardigheden worden verbeterd door middel van de zelfstandige voorbereiding van casus en andere opdrachten. Daarvoor is literatuur- en jurisprudentieonderzoek en analyse van de gevonden resultaten nodig.

  • Mondelinge en schriftelijke vaardigheden worden verkregen via socratische colleges waarin bijdragen van studenten worden verwacht en de (bespreking van) casus- en andere opdrachten.

  • U bent in staat om zelfstandig ten aanzien van uitspraken waarin juridische vragen aan de orde zijn die zien op de Europese beïnvloeding van het bestuursrecht een standpunt in te nemen..

  • De academische houding wordt verder gestimuleerd door het laten voorbereiden van lezingen vanuit de praktijk (advocaten, rechterlijke macht, wetenschap) door studenten (introductie en het voorbereiden van vragen) en de naar aanleiding van deze lezingen gehouden debatten.

Rooster

Kies voor propedeuse of bachelor en master.

Onderwijsvorm

Hoorcolleges

  • Aantal à 2 uur: 10

  • Namen docenten: mr.dr. P.C. Adriaanse, mr. dr. M.L. van Emmerik, mr. dr. J.E. van den Brink, prof. mr. drs. W. den Ouden, prof. mr. P.R. Rodrigues.

  • Vereiste voorbereiding door studenten: zie Blackboard, rubriek Rooster

Werkgroepen/lezingen/casuscolleges)

  • Aantal à 2 uur: 5

  • Namen docenten: mr.dr. J.E. van den Brink, mr. J.C.A. van Dam, mr. dr. M.L. van Emmerik.

  • Vereiste voorbereiding door studenten: zie Blackboard

Andere onderwijsvorm(en)

  • Lezingen

  • Aantal à 1 uur: 5

Toetsing

Toetsvorm(en)

  • Deeltoetsen (tevens status van praktische oefening): het schrijven van vijf journals en een annotatie

  • Praktische oefening: het voorbereiden van lezingen (introduceren spreker en formuleren vragen)

  • Eindtoets: schriftelijke eindopdracht

Opbouw cijfer als volgt:

  • schriftelijke eindopdracht 40% ; annotatie 30%; vijf journals (30%).

  • Onvoldoende cijfers behaald voor de deeltoetsen en de eindtoets kunnen worden gecompenseerd door de overige deeltoetsen ofwel de eindtoets.

  • Voor de praktische oefening geldt dat deze niet wordt beoordeeld met een cijfer maar noodzakelijk is om aan de schriftelijke eindopdracht te mogen deelnemen.

Deelname aan de schriftelijke eindopdracht is alleen mogelijk, wanneer de student alle deelopdrachten (journals en de annotatie) heeft ingeleverd en aan de praktische oefening (m.b.t de lezing) met goed gevolg heeft deelgenomen. Let op: Herkansing van de eindtoets, de deeltoetsen en de praktische oefening is niet mogelijk.

Inleverprocedures
Via Blackboard.

Examenstof
Tot de examenstof behoort de verplichte literatuur, zoals nader aangegeven op Blackboard, en hetgeen behandeld is tijdens de colleges en tijdens eventuele andere onderwijsvormen.

Opmerkingen

Studenten die het vak als conversievak gaan volgen, dienen zich voorafgaand aan het onderwijs te melden bij de coördinator van het vak.

Blackboard

Bij dit vak wordt gebruik gemaakt van Blackboard.

Literatuur

Verplicht studiemateriaal
Literatuur:

  • T. Barkhuysen en M.L. van Emmerik, Het EVRM en het Nederlandse bestuursrecht , mastermonografie, Kluwer 2011;

  • J.H. Jans, S. Prechal en R.J.G.M. Widdershoven, Inleiding tot het Europees bestuursrecht, Nijmegen: Ars Aequi Libri 2011;

  • T. Barkhuysen e.a. (red.), AB Klassiek, Deventer Kluwer 2009;

  • Nog nader op Blackboard aan te geven literatuur en jurisprudentie;

  • Het voor de werkcollegeopdrachten zelfstandig te verzamelen materiaal.

Werkboek:
Geen (werkgroepopdrachten worden gepubliceerd op Blackboard).

Reader:
Geen.

Aanmelden

De aanmelding verloopt via uSis.

Contact

  • Vakcoördinator: mr. J.E. (Jacobine) van den Brink

  • Werkadres: KOG, Steenschuur 25, 2311 ES Leiden, kamer B 1.13

  • Bereikbaarheid:

  • Telefoon: 071 527 7374

  • E-mail: j.e.van.den.brink@law.leidenuniv.nl

Instituut/afdeling

  • Instituut: Publiekrecht

  • Afdeling: Staats- en bestuursrecht

  • Kamernummer secretariaat: B1.21

  • Openingstijden: 9.00 – 16.00 uur

  • Telefoon secretariaat: 071 527 7760

  • E-mail: staatsenbestuursrecht@law.leidenuniv.nl