Vanwege het Corona virus is het nog onduidelijk hoe het onderwijs precies verzorgd gaat worden. Zie voor de actuele informatie de betreffende vakpagina’s op Blackboard/Brightspace.

Studiegids

nl en

Anatomie

Vak
2016-2017

Beschrijving

Het blok richt zich vooral op de bouw en functie van de belangrijke grote organen en orgaanstelsels bij de mens: longen (ademhaling), hart en grote vaten (circulatie), maag-darmkanaal (spijsvertering), en nieren en urinewegen (uitscheiding). In het deel embryologie wordt duidelijk gemaakt hoe een embryo zich ontwikkelt uit drie kiembladen (ectoderm, endoderm en mesoderm), die weer de basis vormen voor de genoemde orgaanstelsels. Tevens zal aandacht worden besteed aan de moeder-embryo relatie via de placenta. In het deel neuroanatomie wordt ten slotte ingegaan op de bouw van het zenuwstelsel en op een aantal elementaire functionele systemen van het centraal zenuwstelsel, zoals motoriek, sensibiliteit en visus.

Aan de hand van geplastineerde preparaten, prosectie demonstraties, CT-scans en MRI-beelden wordt in werkcolleges en practica een ruimtelijk beeld verkregen van de bouw van de genoemde organen en hun ligging in het lichaam. Een systematische dissectie van de rat maakt als geïntegreerd onderdeel van de opleiding deel uit van de practica.

Coordinator

Dr. R.G.E. Notenboom
Afdeling Anatomie & Embryologie
Sectie Klinische Anatomie
LUMC
Kamer: T-01-034 (Ozk)
Tel: 071 526 9352

Doelgroep

BFW2

Toegangseisen

Niet van toepassing.

Onderwijsvorm

Hoor- en responsiecolleges, werkcolleges en practica, computerondersteund onderwijs en studieopdrachten

Literatuur

  • Moore, Agur, Dalley: Essential Clinical Anatomy, 5th ed, 2015. Uitgever: Wolters Kluwer | Lippincott Williams & Wilkins. ISBN 9781469832012 < verplicht >

  • Moore, Persaud, Torchia: The Developing Human. Clinically Oriented Embryology, 10th ed, 2015. Uitgever: Elsevier Saunders. ISBN 9780323313384 < aanbevolen >

Leerdoelen

  • De student relateert de functie van organen aan de bouw van het menselijk lichaam en gebruikt anatomische indelingen van het menselijk lichaam bij het beschrijven van de lichaamsbouw.

  • De student verklaart de bouw en functie van een aantal weefsels en organen vanuit de embryonale ontwikkelingsprocessen.

  • De student weet hoe de ligging van de borst- en buikorganen zich projecteert op de lichaamswand.

  • De student herkent alle organen en orgaanstelsels en de meest belangrijke structuren van het menselijk brein; met behulp van de anatomische vaktaal benoemen, aanwijzen en begrenzen op afbeeldingen en in medische beeldvorming (röntgenfoto, CT, MRI), en geeft aan in welke richting anatomische doorsneden zijn gemaakt.

  • De student kent de onderverdeling en de omringende structuren (vaten, vliezen) van het centraal zenuwstelsel, en beschrijft de liquorcirculatie en de perfusie arealen van de drie grote cerebrale arteriën.

  • De student benoemt de meest belangrijke functionele arealen van de cerebrale cortex en legt de functionele consequentie(s) van beschadiging van deze gebieden uit.

  • De student beschrijft anatomische observaties in een practicumverslag.

Toetsing

Toetsing (Summatief)

  • Tentamen met 50 meerkeuze vragen (5 embryologie, 15 thorax, 15 abdomen, 15 neuroanatomie); gesloten boek.

  • Herkansing: gelijkwaardige toets met 50 meerkeuze vragen over dezelfde onderwerpen.

Toetsing (Formatief)

  • E-learning met gesloten vragen; geen cijfer (inspanningsverplichting).

  • Actieve deelname werkcolleges en practica.