Studiegids

nl en

Publiekrechtelijk Gezondheidsrecht

Vak 2017-2018

Toegangseisen

Voor studenten rechtsgeleerdheid geldt dat zij hun bachelor met succes moeten hebben afgesloten.

Beschrijving

De gezondheidszorg is een van de grootste economische sectoren van ons land. Een sector die wordt geregeerd door zeer veel wetten. Van geboorte tot euthanasie en van experiment tot routinematige zorg: voor alles zijn er regels. En die regels worden dagelijks miljoenen malen toegepast. Natuurlijk gaat er ook wel eens iets mis in de zorg, wat aanleiding kan geven tot allerlei procedures. Tel daarbij op dat in die sector 1,6 miljoen mensen werken en dat de begroting van VWS met kop en schouders uitsteekt boven de meeste andere rijksbegrotingen – en het maatschappelijk en juridisch belang van deze sector is duidelijk. Kennis van het gezondheidsrecht komt daarom in veel functies van pas. Maar ook als patiënt of naaste van een patiënt is kennis van het gezondheidsrecht geen overbodige luxe.

Hoewel thans het accent lijkt te liggen op privatiseren en bezuinigen, blijft op de overheid een bijzondere verantwoordelijkheid rusten. Dit volgt reeds uit de in de Grondwet verankerde verplichting om maatregelen te treffen ter bevordering van de volksgezondheid (art. 22 lid 1 Gw). Met behulp van tal van wetten en bestuursrechtelijke regelingen en instrumenten geeft de overheid handen en voeten aan deze verantwoordelijkheid, al bestaat er discussie over hoe ver de overheid daarbij moet gaan. Denk aan het verbieden van roken en rookreclames – of het vrijlaten daarvan. De wet- en regelgeving voorzien ook in overheidstoezicht en handhaving. Allemaal typische overheidstaken, waarbij het bestuursrecht rechtstreeks in het geding is. Vanzelfsprekend kan de overheid niet alles alleen voor elkaar krijgen in een sector die vanouds particulier is georganiseerd. Ook zorgverzekeraars, zorgaanbieders, farmaceutische bedrijven en, niet in de laatste plaats, patiënten bepalen wat er gaande is in de zorg. Het resultaat is een spannende mix van publiek en privaatrecht.

Tijdens het vak bestudeert u het instrumentarium waarover de overheid beschikt, de (on)mogelijkheden om over te gaan tot beïnvloeding, normering, toezicht en handhaving en de verhouding tussen de (met name bestuursrechtelijke) regelingen en andere (grond)wettelijke normen en beginselen, zoals het EU-recht, de rechten van de patiënt en de op hulpverleners rustende professionele standaard. Daarbij wordt een koppeling gemaakt naar de staats- en bestuursrechtelijke grondslagen en – zo nodig – de civielrechtelijke uitwerking en strafrechtelijke handhavingsmogelijkheden. Tevens wordt steeds aangesloten bij de actualiteit.
Aan de hand van vijf thema’s diept u het staats- en bestuursrechtelijke instrumentarium uit:

  • Gezondheidszorg en rechten van de patiënt;
  • Patiënt en verzekering;
  • Kwaliteit van zorg;
  • Tucht- en klachtrecht plus overlijden, waaronder euthanasie;
  • Toezicht en handhaving.

Bij elk thema gaat de aandacht zowel uit naar het proces van reguleren, als (het effect hiervan voor) de praktijk van de gezondheidszorg.

Het onderwijs gaat bij de behandeling van deze thema’s in op het academische en maatschappelijke discours, de wetgeving, jurisprudentie en het proces van maatschappelijke zelfregulering. Ook de internationale dimensie komt aan bod.

Leerdoelen

Doel van het vak:
Het gebonden keuzevak publiekrechtelijk gezondheidsrecht is erop gericht u vertrouwd te maken met de diverse staats- en bestuursrechtelijke aspecten van zorgverlening aan mensen. Uiteindelijk wordt van u verwacht dat u
1. de overeenkomsten en verschillen tussen belangrijke staats- en bestuursrechtelijke regelingen op het terrein van het gezondheidsrecht kunt verklaren;
2. zelfstandig, in woord en geschrift, een oordeel kunt vormen over casusposities en dilemma’s in de gezondheidszorg;
3. ideeën heeft over de wijze waarop de samenhang tussen deze regelingen kan worden versterkt en leemtes kunnen worden opgevuld, op een wijze die in overeenstemming is met internationale en Europese normen.

Na afronding van het vak heeft u de volgende kwalificaties verworven:

  • U beschikt over gevorderde kennis en inzicht in (de grondslagen van) het publiekrechtelijke gezondheidsrecht, alsmede de bestaande, ontbrekende en gewenste samenhang daartussen;
  • U bent in staat op kritisch te reflecteren op het publiekrechtelijke gezondheidsrecht.
    Juridische en professionele vaardigheden:
  • U bent in staat om beginnende wetenschappelijke teksten te schrijven m.b.t. (verschillende onderdelen van) het publiekrechtelijke gezondheidsrecht;
  • U bent in staat tot het presenteren van juridische informatie op het terrein van (verschillende onderdelen van) het publiekrechtelijke gezondheidsrecht aan vakgenoten en aan niet-vakgenoten;
  • U bent, ook met het oog op het voorgaande, in staat om adequaat eenvoudig juridisch onderzoek te doen, waaronder het verzamelen, interpreteren en toepassen van (schriftelijke en digitale) literatuur en jurisprudentie op het terrein van (verschillende onderdelen van) het publiekrechtelijke gezondheidsrecht.

Rooster

Beschikbaar via de website.

Onderwijsvorm

Hoorcolleges
Geen

Werkgroepen

  • Aantal à 3 uur: 5
  • Docent(en): Prof. mr. A.C. Hendriks
  • Vereiste voorbereiding door studenten: bestuderen voorgeschreven literatuur en jurisprudentie om tijdens de werkgroepen actief en kritisch te kunnen reflecteren (wekelijks). Voorafgaand aan drie van de vijf werkgroepbijeenkomsten dienen de deelnemers schriftelijk te reageren op een stelling (‘praktische oefening’), die tijdens de werkgroepen worden besproken.

Toetsing

Toetsvorm(en)

  • Praktische oefening: drie schriftelijke deelopdrachten (25% van het eindcijfer);
  • Schriftelijk tentamen (75% van het eindcijfer).
  • Deelname aan het schriftelijk (eind)tentamen en de eventuele herkansing (daarvan) is alleen mogelijk, wanneer de student de schriftelijke deelopdrachten tijdig en op correcte wijze heeft ingeleverd.
  • Alleen het schriftelijk tentamen kan worden herkanst in geval van een onvoldoende. Bij het hertentamen blijft het cijfer voor de schriftelijke opdrachten staan. Het hertentamen kan niet mondeling worden afgenomen.

Regeling herkansen voldoendes
Op dit vak is de regeling herkansen voldoendes van toepassing (artikel 4.1.8.1 e.v. OER) voor zover dit vak onderdeel uitmaakt van het verplicht curriculum van de opleiding (d.w.z. geen vrije keuzevak). Studenten die bij de eerste kans een voldoende eindcijfer hebben behaald, kunnen onder bepaalde voorwaarden het schriftelijke (eind)tentamen opnieuw afleggen. Raadpleeg hiervoor het OIC.

Inleverprocedures
Worden bekend gemaakt via Blackboard

Examenstof
Tot de examenstof behoort de verplichte literatuur, het werkboek en hetgeen behandeld is tijdens de werkgroepen.

Blackboard

Bij dit vak wordt gebruik gemaakt van Blackboard.

Literatuur

Verplicht studiemateriaal
Literatuur:

  • Bestuursrechtelijk gezondheidsrecht onder redactie van A.C. Hendriks & M.J.C.E. Blondeau (Deventer: Kluwer 2015, ISBN: 978901312456)

Werkboek:

  • Syllabus Literatuur en Jurisprudentie

Aanmelden

De aanmelding verloopt via uSis.

Contact

  • Vakcoördinator: Prof. mr. A.C. Hendriks
  • Werkadres: KOG, Steenschuur 25, 2311 ES Leiden, kamer B1.18
  • Bereikbaarheid: via mw. Mirjam Tangkilissan, secretariaat Staats- en bestuursrecht
  • Telefoon: 071 – 527 7760 (secretariaat)
  • E-mail: m.tangkilissan@law.leidenuniv.nl

Instituut/afdeling

  • Instituut: Publiekrecht
  • Afdeling: Staats- en bestuursrecht
  • Kamernummer secretariaat: KOG, B1.21
  • Openingstijden: 9.00 – 17.00 uur
  • Telefoon secretariaat: 071 – 527 7760
  • E-mail: staatsenbestuursrecht@law.leidenuniv.nl