Prospectus

nl en

Seminar BA3 Latin Poetry and Patronage.

Course
2010-2011

Toegangseisen

Toegankelijk voor BA3-studenten GLTC

Beschrijving

De hoogtepunten van de Latijnse poëzie uit de Oudheid zijn niet alleen het werk van autonome genieën, maar kwamen mede tot stand door de materiële en immateriële steun van invloedrijke Romeinen. Het bekendste voorbeeld van een dergelijke broodheer is natuurlijk Maecenas, die dichters als Vergilius, Propertius en Horatius om zich heen verzamelde en voor hen bemiddelde bij keizer Augustus. Zijn naam kwam symbool te staan voor iemand die dichters en kunstenaars ondersteunt. Het systeem waarbinnen dit gebeurde wordt wel aangeduid met literaire patronage of mecenaat.
Ook in de Renaissance waren de meeste dichters aangewezen op steun van buitenaf om in hun levensonderhoud te voorzien en hun werk onder de aandacht te brengen. In hun gedichten benadrukken zij zelf de parallellen met hun klassieke voorgangers door hun patroni met Maecenas te vergelijken of door vergelijkbare patronagethema’s aan te snijden.

Het systeem van literaire patronage is in het verleden vaak wisselend beoordeeld: aan de ene kant werden de patroni beschouwd als altruïstische literatuurliefhebbers, aan de andere kant werd het systeem gezien als een keurslijf dat dichters ertoe dwong de heersers naar de mond te praten. Tegenwoordig ziet men literaire patronage vooral als een vorm van sociale patronage, waarop het principe ‘voor wat, hoort wat’ ook van toepassing is, en waarbij ‘netwerken’ van essentieel belang is.

In dit werkcollege zullen we deze ideeën over de relatie tussen Latijnse poëzie en patronage toetsen aan de hand van voorbeelden uit de Oudheid en de Renaissance. Dichters die aan bod kunnen komen zijn bv. Horatius, Propertius, Ovidius, Martialis, Statius, Angelo Poliziano, Cristoforo Landino, Giannantonio Campano, Michele Marullo, Jacopo Sannazaro. Vragen die aan bod komen zijn:
• Hoe zag een patronagerelatie tussen een dichter en patronus er uit, en in hoeverre kon deze betiteld worden als amicitia?
• Welke functie(s) vervulde poëzie in deze relatie?
• Hoe analyseer je de impact die deze relatie had op de poëzie van de dichter?
• Wat zijn de verschillen en overeenkomsten tussen de Oudheid en de Renaissance?

Leerdoelen

Kennis:

  • Verruiming en verdieping van de kennis van Latijnse poëzie uit de Oudheid en Renaissance (cf. BA1 en BA2).
    • Verdieping van de kennis van genreconventies en intertekstualiteit
    • Toepassing theoretische kennis (bv. op het gebied van de literatuursociologie)

Vaardigheden:

  • Onderzoeksvaardigheden op gevorderd niveau: materiaal selecteren, analyseren en beoordelen; probleemstelling formuleren; opzetten en uitvoeren van een onderzoek; formuleren van een beargumenteerde conclusie, zorgvuldig gebruik van secundaire literatuur.
    • Vaardigheid in het geven van een mondelinge presentatie (BA eindniveau)
    • Vaardigheid in wetenschappelijk argumenteren en discussiëren: getoetst wordt ook de actieve deelname aan vakinhoudelijke discussies.

Rooster

http://www.hum.leidenuniv.nl/gltc/roosters/collegeroosters.html

Onderwijsvorm

Werkcolleges (referaten en actieve deelname aan de discussie).
NB. Bij werkcolleges geldt een aanwezigheidsplicht.

Toetsing

Tussentoets over een (nader te bepalen) kernpensum (20%), referaat van 30 minuten (30%), uitgewerkt tot een paper van ca. 15 pagina’s (30%); algemene deelname aan de discussie (20%). Minimumeisen voor aanwezigheid, deelname en voorbereiding zullen worden bekend gemaakt aan het begin van de cursus.

Blackboard

Voor deze cursus wordt gebruik gemaakt van blackboard voor informatie aan het begin van de cursus en voor mededelingen. Het ‘discussion board’ kan later ook worden gebruikt, indien nodig of wenselijk.

Literatuur

A. Barchiesi, The Poet and the Prince. Ovid and Augustan Discourse (Berkeley: California UP, 1997)
S. de Beer, Poetry and Patronage. Literary Strategies in the Poems of Giannantonio Campano (Diss. Amsterdam, 2007)
E. Fantham, Roman Literary Culture from Cicero to Apuleius (Baltimore: Johns Hopkins, 1996)
G.K. Galinsky, Augustan Culture. An Interpretive Introduction (Princeton: Princeton UP, 1996)
B.K. Gold, ed., Literary and Artistic Patronage in ancient Rome (Austin: Texas UP, 1987)
F.W. Kent & P. Simons, eds., Patronage, Art, and Society in Renaissance Italy (Canberra & Oxford: Humanities Research Centre Australia & Oxford UP, 1987)
D. Konstan, “Friendship and Patronage,” in A Companion to Latin Literature, ed. S.J Harrison (Malden: Blackwell, 2005), pp. 345-359
R.R. Nauta, Poetry for Patrons. Literary Communication in the Age of Domitian (Leiden & Boston: Brill, 2002)
C.E. Newlands, Statius’ Silvae and the Poetics of Empire (Cambridge: Cambridge UP, 2002)
R.P. Saller, “Martial on Patronage and Literature,” Classical Quarterly 33 (1983), 246-57
R. Syme, The Roman Revolution (Oxford: Clarendon, 1939)
P. White, Promised Verse. Poets in the society of Augustan Rome (Cambridge MA: Harvard UP, 1993)

Te gebruiken uitgaven van de poëzie die we zullen bespreken en relevante secundaire literatuur zullen op college worden aangekondigd.

Aanmelden

Aanmelden via Usis.

Contact

Mw. dr. S. de Beer (s.t.m.de.beer@hum.leidenuniv.nl)

Opmerkingen