Vanwege de coronamaatregelen kan de onderwijsvorm of tentaminering afwijken. Zie voor actuele informatie de betreffende cursuspagina’s op Brightspace.

Studiegids

nl en

Acute en Intensieve Zorg

Vak
2021-2022

Toegangseisen

Zie Ingangseisen Farmacie.

Beschrijving

Met het thema Acute en Intensieve Zorg start je aan het tweede jaar van de master Farmacie. Je leert hier onder andere een bijdrage te leveren aan de farmacotherapie van patiënten in het ziekenhuis die acute of intensieve zorg behoeven. Dit zijn bijvoorbeeld patiënten die behandeld worden op de spoedeisende hulp, opgenomen zijn voor een operatie of op de intensive care (IC) verblijven.

In de eerste twee weken herhaal je de kennis over de aandoeningen uit de voorafgaande thema’s en pas je deze toe op acute situaties, zoals de farmacotherapie bij de behandeling van een myocard infarct of longembolie. Je bestudeert de advisering over de behandeling van intoxicaties, de gevolgen van acute aandoeningen waaronder shock en sepsis en de wijze van zorgverlening op de IC. Deze aandoeningen hebben ook invloed op de farmacokinetiek van geneesmiddelen, waarover je in het cursorisch onderwijs meer leert. Ook de werking van dialyse-technieken komen aan de orde, evenals de consequenties daarvan voor de farmacokinetiek van geneesmiddelen.

De aandoeningen in dit thema kunnen levensbedreigend zijn en de advisering rondom medicatie kan onder tijdsdruk gegeven moeten worden. In een werkcollege krijg je aanwijzingen hoe je hier het beste mee om kunt gaan en is er aandacht voor de advisering rondom intoxicaties onder tijdsdruk. Dit wordt vervolgens geoefend tijdens de acute dag, waarbij je in de vorm van een groepsopdracht telefonisch diverse casussen krijgt voorgelegd door diverse zorgverleners.

Voor de apotheker als geneesmiddelexpert is het belangrijk ziekenhuisopnames die veroorzaakt zijn door geneesmiddelen te herkennen. Na de theorie hierover zal je dit tijdens de coschappen gaan oefenen op de afdeling Spoedeisende Hulp. Maar ook voor patiënten die gepland worden opgenomen voor een chirurgische ingreep heeft de ziekenhuisapotheek een belangrijke rol in de medicatieverificatie.
Voor de start van de farmaceutische coschappen herhaal je de productkennis uit de thema’s Gezin en Geneesmiddel en Infectieziekten en Immunologie. Deze kennis vul je aan met de productkennis en bereiding van complexe steriele bereidingen. Vanaf de derde week ga je de opgedane kennis toepassen in de ziekenhuisapotheek en op verschillende afdelingen in het ziekenhuis. Je maakt kennis met de dagelijkse werkzaamheden van de ziekenhuisapotheker middels praktijkopdrachten.

Leerdoelen

Na afloop van dit thema kan de student:

  • de pathogenese, pathofysiologie, pathologie, beloop, prognose en risicofactoren van de belangrijkste intoxicaties, acute cardiovasculaire aandoeningen, shock en sepsis uitleggen;

  • het werkingsmechanisme, belangrijkste bijwerkingen, metabolisme en kinetiek beschrijven van de geneesmiddelengroepen die worden toegepast bij de zorg op de intensive care, bij de behandeling van intoxicaties, bij acute cardiovasculaire aandoeningen en bij operaties;

  • dosering bij de indicatie en specifieke, onderscheidende kenmerken van de belangrijkste vertegenwoordigers van de bovengenoemde geneesmiddelengroepen beschrijven;

  • het doel benoemen van de farmacotherapeutische behandeling van de belangrijkste intoxicaties, acute cardiovasculaire aandoeningen, shock en sepsis, de behandelmogelijkheden benoemen, deze behandeling ordenen op basis van patiëntkenmerken en dit wetenschappelijk onderbouwen;

  • een advies opstellen voor de behandeling van veel voorkomende verslavings- en vergiftigingsgevalllen;

  • de belangrijkste farmacokinetische begrippen en modellen en veelgebruikte bioanalytische bepalingsmethoden benoemen en toe passen bij de medicatiebegeleiding en medicatiebewaking in bovengenoemde aandoeningen en situaties;

  • een farmacotherapeutische analyse uitvoeren waarbij de effectiviteit en veiligheid van de farmacotherapie wordt beoordeeld met behulp van relevantie klinische en laboratoriumgegevens in bovengenoemde aandoeningen en situaties;

  • een bereidingsprotocol maken en verbeteren voor een complexe bereiding, deze bereiding uitvoeren en de benodigde kwaliteitscontroles uitvoeren;

  • beoordelen of GMP wordt nageleefd bij steriele bereidingen;

  • de medische hulpmiddelen omschrijven die toegepast worden bij acute en intensieve zorg, zoals catheters, sondes, CVVH en hemodialyse;

  • een eindoordeel opstellen over de eigen bevindingen over medicatiebeleid of een onderzoeksvraag met behulp van de kritische beoordeling van geneesmiddelenonderzoek.

Rooster

Het rooster kun je vinden in het onderwijsrooster of op de LUMC rooster app.

Onderwijsvorm

Het thema bestaat uit negen weken. De eerste twee weken van het thema zijn VVV-weken wat staat voor: voorbereiden, verwerken en verdiepen. Deze twee weken bestaan uit fulltime cursorisch onderwijs, waarin de volgende onderwijsvormen worden gebruikt:

  • hoorcollege;

  • responsiecollege;

  • werkgroep;

  • werkcollege;

  • zelfstudie;

  • zelfstudieopdracht.

In week drie tot en met acht loop je farmaceutische coschappen in de ziekenhuisapotheek en/of poliklinische apotheek en op afdelingen in het ziekenhuis om je vervolgens in de negende en laatste week te kunnen richten op de RTW (Reflectie- en Toetsweek).

In de farmaceutische coschappen zijn er wekelijks twee terugkomdagen die bestaan uit een praktijkreflectie en afwisseling in cursorisch onderwijs met bovengenoemde onderwijsvormen.
Tijdens AIZ is er ook een speciale werkgroep-vorm: de acute dag. Tijdens deze dag zal er een dagdienst uit het ziekenhuis gesimuleerd worden. In groepjes zal je aan verschillende casussen werken en hier telefonisch advies over uitbrengen.

Toetsing en weging

Het eindoordeel van het thema bestaat uit:

  1. 60% schriftelijke toetsing (maximaal 100 punten)
  2. 35% eindbeoordeling farmaceutisch coschap
  3. Aanwezigheid tijdens kleinschalig onderwijs (praktijkreflecties, werkgroepen en mentoraat) is verplicht. Aanwezigheid bij minimaal 80% van het kleinschalig onderwijs leidt tot 0,5 punt voor het eindoordeel van het thema.

Bij te laat inleveren van opdrachten dient een extra opdracht te worden gemaakt.

De schriftelijke toetsing, alsmede de eindbeoordeling van de praktijk, moeten beide met minimaal een voldoende (5,5 of hoger) beoordeeld zijn.

Literatuurlijst

Voor de volledige literatuurlijst, zie de kernboekenlijst Farmacie.

Inschrijven

Zie studentenwebsite.

Contact

Via farmacie.AIZ@lumc.nl

Opmerkingen