Studiegids

nl en

Materiële cultuur van het oude Egypte 2

Vak 2014-2015

Toegangseisen

Materiële cultuur van het Oude Egypte I.

Beschrijving

D.m.v. bezoeken aan het RMO (Rijksmuseum van Oudheden) wordt aan de hand van concrete objecten de kennis van de materiële cultuur uitgebreid en verdiept, waarbij diverse aspecten (archeologische, kunsthistorische, etc.) uitvoerig aan bod komen.

Leerdoelen

  • Het vergroten van de in het college Egypte onder de Farao’s en Materiële cultuur van het oude Egypte I opgedane basiskennis met verdere feitenkennis, maar ook inzicht hoe men artefacten kan benaderen.
  • Het verkrijgen van een veelzijdig, gedetailleerd, analyserend en kritisch observatievermogen is een hiermee samenhangend evenwaardig doel.
  • Egyptische archeologie en Egyptische Kunstgeschiedenis volgen hierna en bouwen hierop voort.

Rooster

Rooster

Onderwijsvorm

  • Hoor- en responsiecollege

Studielast

  • Totale studielast: 140 uur
  • College: 2 uur p.w. x 13 weken = 26 uur
  • Voorbereiden tentamen: 100
  • Referaat: 14 uur.

Toetsing

  • Schriftelijk tentamen aan het einde van het tweede blok met (invul)vragen over een reeks afbeeldingen en essayvragen over de bestudeerde literatuur en de collegestof: 70% (van het eindcijfer)
  • Vóór de eindtoets 2- wekelijks schriftelijke samenvatting van een deel van de te bestuderen literatuur die mondeling op het college wordt gepresenteerd: 30% (van het eindcijfer)

De weging van beide cijfers vindt alleen plaats met een voldoende voor het tentamen. Herkansing op afspraak: mondeling of schriftelijk, afhankelijk van het aantal deelnemers.

Blackboard

N.v.t.

Literatuur

  • W. Stevenson Smith, 1981, The Art and Architecture of Ancient Egypt (3e herziene druk door W.K. Simpson, Harmondsworth 1998; ook in paperback, Penguin Books)
  • P. Janosi, Die Gräberwelt der Pyramidenzeit, Mainz, Philipp von Zabern 2006, 3-32.
  • S. Ikram, A. Dodson, The Mummy in Ancient Egypt. Equipping the dead for eternity(London, 1998), chapter 7: Coffins (193-243), chapter 8, Sarcophagi (244-275).
  • J.H. Taylor, Death & the Afterlife in Ancient Egypt (London, 2001), chapter 7, The chest of life: coffins and sarcophagi (214-243).
  • A.M. Roth, Opening of the Mouth, in: D.B. Redford (ed.), The Oxford Encyclopedia of Ancient Egypt vol. 2, (Oxford, 2001), 605-609.
  • D. Klemm e.a., Die pharaonischen Steinbrüche des silifizierten Sandsteins in Ägypten und die Herkunft der Memnonkolosse, MDAIK 40 (1984), 207-220.
  • R. Stadelmann, Die Herkunft der Memnon-kolosse: Heliopolis oder Aswan, MDAIK 40 (1984), 291-296.
  • M.Lehner, The development of the Giza necropolis: The Khufu Project, MDAIK 41 (1985), 109-143.
  • C.A. Hope, Egyptian Pottery, 2e editie, Shire Egyptology, (Princes Risborough, 2001).
  • R. Holthoer, New Kingdom Pharaonic Sites, The Pottery, (Stockholm, 1977), 1-59.
  • E. Otto, Das ägyptische Mundöffnungsritual II (Wiesbaden, 1960), 1-33.
  • D. Aston, Describing pottery, in: D. Aston, Die keramik des Grabungsplatzes Q1: Corpus of Fabrics, wares and Shapes, FORA1, Mainz (1998), 23-59.

Kopieën van de te bestuderen hoofdstukken en artikelen zijn via de balie van de NINO-bibliotheek te consulteren.

Aanmelden

uSis.

Contact

Dhr. Dr. R. van Walsem