Studiegids

nl en

BA Eindwerkstuk Geschiedenis

Vak 2014-2015

Toegangseisen

Om af te studeren in een afstudeerrichting moet de student minstens de volgende onderdelen hebben afgelegd op het desbetreffende vakgebied:

  • één tweedejaars werkcollege van 10 EC
  • één (sectiespecifiek) hoorcollege van 5 EC
  • één door de afstudeerrichting erkend hulpvak (dit geldt niet voor studenten die voor september 2013 met hun propedeuse zijn begonnen)
  • één derdejaars seminar van 10 EC
    Sommige afstudeerrichtingen (en tracks) kennen nog enkele aanvullende eisen (zie hiervoor de pagina m.b.t. afstudeerrichtingen en tracks)

Beschrijving

Het BA-eindwerkstuk is gebaseerd op een probleemgestuurd primair bronnenonderzoek en wordt geschreven in de afstudeerrichting of eventueel track (zie: afstudeerrichtingen en tracks) waarin het BA Seminar is gevolgd.

Voor het eindwerkstuk staan 15 ECTS. Het BA-eindwerkstuk wordt in principe geschreven in het kader van een Scriptie Seminar:
De student meldt zich in uSis aan voor een Scriptie Seminar. Na de eerste bijeenkomst benadert de student, afhankelijk van het onderwerp van het BA-eindwerkstuk, zelf een docent binnen het betreffende vakgebied, die hem/haar gaat begeleiden. Als de docent akkoord is, stelt de student via de website van de opleiding een BA-afstudeerplan op. De begeleidende docent helpt bij de identificatie en voorselectie van het bronnenmateriaal en de literatuur, en keurt de onderzoeksopzet goed. Hij/zij leest en becommentarieert één versie van de verschillende hoofdstukken. De rest van de begeleiding is collectief, en vindt plaats via het scriptieseminar.

Het is ook mogelijk het BA-eindwerkstuk te schrijven vanuit een tweede BA3 Seminar: de student meldt zich in uSis aan voor een tweede BA3 Seminar en meldt de docent dat het eindwerkstuk geschreven wordt in het kader van dit Seminar. Als de docent akkoord is, stelt de student via de website van de opleiding een BA-afstudeerplan op.

In het afstudeerplan geeft de student onder andere aan bij wie het eindwerkstuk geschreven wordt, of dit in combinatie met een tweede seminar is of individueel, wat voor vakken/punten verder nog open staan en wanneer het eindwerkstuk wordt ingeleverd en afstuderen mogelijk is. Een versie van het plan wordt naar de betreffende afstudeerbegeleider, de examencommissie en naar het studiecoördinaat gestuurd. Als de student de geplande inleverdatum van het eindwerkstuk niet redt, dient een nieuw afstudeerplan opgesteld te worden.

De omvang van het eindwerkstuk is maximaal 15.000 woorden (ca. 35 pagina’s; inclusief voetnoten, exclusief literatuurlijst en eventuele bijlagen). Het eindwerkstuk wordt begeleid door een docent die aan de studierichting Geschiedenis verbonden is. De definitieve versie van het eindwerkstuk wordt mede beoordeeld door een tweede lezer, die door de examencommissie wordt aangewezen.

Leerdoelen

De student kan

  • een wetenschappelijk onderzoek met een beperkte omvang opzetten en uitvoeren, daarbij


    • relatief grote hoeveelheden informatie organiseren en verwerken
    • vakliteratuur zoeken, beredeneerd selecteren en ordenen
    • een wetenschappelijk debat analyseren
    • reflecteren op de primaire bronnen waarop de literatuur is gebaseerd
    • de relatie tussen de bruikbaarheid, materialiteit, ontstaans- en bewaargeschiedenis van primaire bronnen onderkennen
    • bronnen selecteren, interpreteren en gebruiken voor een eigen onderzoek
    • bronnen analyseren, in een historische context plaatsen en interpreteren
    • het eigen onderzoek in het wetenschappelijk debat plaatsen
  • een probleemgestuurd werkstuk in correct Nederlands of Engels schrijven naar het format van syllabus Themacolleges, daarbij


    • een realistische planning hanteren
    • een probleemstelling en deelvragen formuleren
    • een beargumenteerde conclusie formuleren
    • aanwijzingen van de docent verwerken

De student heeft

  • kennis van een afstudeerrichting:




    • bij de afstudeerrichting Oude Geschiedenis de Griekse-Romeinse oudheid, met nadruk op de periode 400 v.C. – 400 n.C; sociaal-economische structuren; de antieke stad; mentaliteitsgeschiedenis; antieke religie; cultuurcontact;
    • bij de afstudeerrichting Middeleeuwse Geschiedenis de Middeleeuwse grondslagen van de Europese geschiedenis; in het bijzonder voor etniciteit, staatsvorming, internationale handel en scheepvaart en contacten met de buiten-Europese wereld;
    • bij de afstudeerrichting Algemene Geschiedenis de plaatsing van de Europese geschiedenis van na 1500 in een mondiaal perspectief; in het bijzonder de ontwikkeling en rol van politieke instituties;
    • bij de afstudeerrichting Economische Geschiedenis de mondiale interactie van handelsnetwerken in de vroegmoderne tijd, de negentiende-eeuwse industrialisatie van Nederland in wereldhistorisch perspectief, en de political economy van de globaliserende economie in de twintigste eeuw;
    • bij de afstudeerrichting Sociale Geschiedenis de verschillen naar klasse, gender, etniciteit en religie; verplaatsing van mensen, goederen en ideeën; verbanden tussen mensen (individueel en collectief), bedrijven, staten en (internationale) organisaties (inclusief kerken) vanaf 1600. Inzicht daarin wordt gebruikt om hedendaagse gebeurtenissen en ontwikkelingen te verklaren;
    • bij de afstudeerrichting Vaderlandse Geschiedenis staatsvorming, identiteit, en politieke cultuur van Nederland vanaf de zestiende eeuw;
    • bij de afstudeerrichting Amerikaanse Geschiedenis Amerikaans exceptionalisme; de VS als multiculturele samenleving en de uitwerking daarvan in de historiografie; de intellectuele wisselwerking tussen de VS en Europa;
    • bij de afstudeerrichting Maritieme Geschiedenis de ontwikkeling van de Nederlandse scheepvaart en overzeese handel vanaf de 16e eeuw; de relatie van de mens tot de oceanen, zeeën en rivieren in multidisciplinair perspectief.
    • bij de track Geschiedenis van de Europese Expansie en globalisering het ontstaan van wereldomvattende netwerken die een steeds intensievere circulatie van mensen, dieren, gewassen, goederen en ideeën bewerkstelligen, en de centrale rol van de Europese expansie daarin vanaf circa 1500;
    • bij de track Minderheden- en migratiegeschiedenis minderheidsvorming (en de factoren die daar invloed op hebben) en migraties (en de factoren die omvang en richting daarvan bepalen);
  • kennis van en inzicht in kernbegrippen, onderzoeksmethoden en –technieken van een hoofdonderdeel:




    • bij de afstudeerrichting Oude Geschiedenis antieke teksten en archeologische bronnen; bronnenkritiek en contextualisering; acculturatietheorie
    • bij de afstudeerrichting Middeleeuwse Geschiedenis het gebruik van laatmiddeleeuwse administratieve bronnen en geschiedschrijving m.b.t. de Nederlanden in brede zin; paleografie; bronnenkunde;
    • bij de afstudeerrichting Algemene Geschiedenis de bestudering van primaire bronnen en de relativiteit van nationaal gedefinieerde geschiedenissen;
    • bij de afstudeerrichting Economische Geschiedenis de toepassing van economische concepten in de geschiedschrijving en inzicht in de interactie tussen beleid en economie;
    • bij de afstudeerrichting Sociale Geschiedenis het combineren van verschillende primaire bronnen (mondelinge bronnen, romans, beeldmateriaal, schoolboeken, kranten, volkstellingen en statistieken), uit diverse archieven (overheden, bedrijven en organisaties) met gebruikmaking van theorieën uit andere disciplines;
    • bij de afstudeerrichting Vaderlandse Geschiedenis primaire bronnen en diachrone nationale geschiedenis;
    • bij de afstudeerrichting Amerikaanse Geschiedenis exceptionalisme; analyseren van historiografische en intellectuele debatten;
    • bij de afstudeerrichting Maritieme Geschiedenis heuristiek, bronnenkunde, archiefonderzoek, diachronisch onderzoek, en het gebruik van museale objecten als informatiedrager voor historisch onderzoek.
    • bij de track Geschiedenis van de Europese Expansie en globalisering het combineren van historiografische debatten met empirisch onderzoek in primaire bronnen en/of het verbinden van gescheiden historiografische tradities door middel van innovatieve vraagstelling;
    • bij de track Minderheden- en migratiegeschiedenis het combineren van verschillende primaire bronnen van diverse aard (mondelinge bronnen, romans, beeldmateriaal, schoolboeken, kranten, volkstellingen en statistieken), en uit diverse archieven (overheden, bedrijven en organisaties);

Rooster

-

Onderwijsvorm

  • (scriptie)seminar en individuele begeleiding

Studielast

Totaal: 420 uur.

  • Zoeken literatuur en bronnen (circa 10 uur)
  • Inlezen literatuur (circa 90 uur)
  • Bronnenonderzoek (circa 160 uur)
  • Schrijven werkstuk (circa160 uur)

Toetsing

  • werkstuk (100 %)

De beoordeling vindt plaats door de begeleider en een door de examencommissie aangewezen tweede lezer. De criteria waar een BA-eindwerkstuk minimaal aan moeten voldoen zijn:

  • Helder geformuleerde historische vraagstelling
  • Inbedding in historiografische en/of wetenschappelijke discussie
  • Verantwoording van de onderzoeksmethode
  • Gebaseerd op kritisch onderzoek in primaire bronnen
  • Voldoende brede literatuurstudie
  • Goed gestructureerd betoog
  • Wetenschappelijke onderbouwde conclusie
  • Correct taalgebruik
    Als docent en tweede lezer aangeven dat zij de scriptie een 6 of 6,5 waard vinden, vragen ze de Examencommissie om een derde lezer aan te wijzen. De derde lezer legt de scriptie nogmaals naast de bovengenoemde ‘knock out’ criteria en geeft zijn of haar oordeel.

In het geval de scriptie onvoldoende wordt bevonden, dan krijgt de student eerst de gelegenheid om aan de hand van het beoordelingsformulier en de instructies van de docenten het werkstuk zelfstandig te herkansen. Wie het bij de deze poging niet lukt of het niet zelf kan, mag zich in het daaropvolgende semester inschrijven voor een apart herkansingsseminar, en krijgt daarin aan het begin van het volgende semester 6 weken begeleiding. Opnieuw herkanste werkstukken kunnen dan tot 1 december, respectievelijk 1 juni worden ingeleverd bij de docent van de herkansingsklas, die het werkstuk samen met de oorspronkelijke begeleider opnieuw beoordeelt.