Studiegids

nl en

Ontwikkelings- en Onderwijspsychologie

Vak 2014-2015

For IBP students, use Developmental and Educational Psychology – IBP

Beschrijving

De ontwikkelings- en onderwijspsychologie heeft als onderwerp processen van ontwikkeling, rijping en leren gedurende de kinder- en jeugdjaren (prenataal tot circa 21 jaar).

Inhoud

  • theoretische uitgangspunten van de ontwikkelingspsychologie
  • aanleg versus omgevingsinvloeden
  • prenatale ontwikkeling
  • motorische ontwikkeling
  • lichamelijke ontwikkeling
  • taalontwikkeling
  • cognitieve ontwikkeling en intelligentie
  • sociaal-emotionele en morele ontwikkeling
  • de relatie tussen ontwikkeling en leren, kennisverwerving en motivatie.

Leerdoelen

  • Studenten verwerven kennis over en inzicht in basisconcepten, theorieën, en onderzoek op het gebied van de ontwikkelingspsychologie en de onderwijspsychologie.
  • Studenten verwerven kennis over en inzicht in de ontwikkeling van kinderen op verschillende gebieden, zoals de sociale ontwikkeling, de emotionele ontwikkeling, de cognitieve ontwikkeling, de taalontwikkeling.
  • Studenten leren om wetenschappelijke artikelen te lezen en te interpreteren, en hun kennis te tonen door het schrijven van korte essays en tijdens discussies.

Rooster

Ontwikkelings- en Onderwijspsychologie (2014-2015):

Aanmelden

Cursus

Eerstejaarsstudenten zijn automatisch ingeschreven voor de cursus. Andere studenten schrijven zichzelf in voor de hoorcolleges en werkgroepen. Raadpleeg de Inschrijfwijzer

Tentamen

Inschrijving voor een tentamen gaat niet automatisch. Studenten kunnen zich vanaf 100 tot 10 kalenderdagen voor een tentamen inschrijven in uSis. Wie zich niet inschrijft, kan niet meedoen aan het tentamen.
Tentamenregeling

Onderwijsvorm

Acht hoorcolleges en vier werkgroepbijeenkomsten. Tijdens de hoorcolleges bespreken de docenten de belangrijkste begrippen en onderzoeksresultaten uit de ontwikkelings- en onderwijspsychologie per deelgebied van de ontwikkeling, opdat studenten hier inzicht in krijgen. Voorafgaand aan de werkgroepbijeenkomsten bestuderen studenten aanvullende literatuur (wetenschappelijke artikelen) ter verdieping van de collegestof. Studenten leveren voorafgaand aan de bijeenkomsten een essayopdracht in over de aanvullende literatuur en geven feedback op de essays van medestudenten. Tijdens de bijeenkomsten discussiëren studenten over de aanvullende literatuur en de essayopdrachten. Hierbij leren studenten hoe een wetenschappelijk artikel gelezen en geïnterpreteerd dient te worden en hoe zij gedegen feedback op het werk van anderen kunnen geven.

Toetsing

Het tentamen meet in hoeverre studenten kennis hebben opgedaan over de verschillende gebieden van ontwikkeling en van de concepten en theorieën die hier mee samengaan. Het tentamen bestaat uit meerkeuzevragen over de literatuur (boek en aanvullende (werkgroep)literatuur) en de collegestof. Het tentamencijfer bepaalt 70% van het eindcijfer van de cursus.

De essayopdracht die studenten inleveren voorafgaand aan de vierde werkgroep wordt beoordeeld met een cijfer. Dit cijfer weerspiegelt in hoeverre studenten in staat zijn om wetenschappelijke literatuur binnen de ontwikkelings- en onderwijspsychologie te begrijpen en te verwoorden. Het uiteindelijke werkgroepcijfer is een percentage van het cijfer voor deze essayopdracht. Dit percentage wordt bepaald door enerzijds aanwezigheid en participatie tijdens de werkgroepbijeenkomsten en anderzijds het (op tijd) inleveren van en feedback geven op voorgaande essayopdrachten. Het werkgroepcijfer bepaalt 30% van het eindcijfer voor de cursus.

Voor iedere propedeusecursus wordt het eindcijfer bepaald door twee deelcijfers: een gewogen middeling van tentamen 70% en opdrachten 30%. Beide deelcijfers, ook indien die onvoldoende zijn, worden onafgerond (dwz. afgerond op een decimaal) in uSis geregistreerd. Een deelcijfer van 5.5 behoort tot de mogelijkheden. Bij een onvoldoende eindresultaat, herkanst een student het onvoldoende deelresultaat. Voldoende deelresultaten mogen niet herkanst worden.

Compensatie tussen deelcijfers: Het ene deelcijfer moet minimaal 5.0 zijn om gecompenseerd te worden door een hoger tweede deelcijfer. Het eindcijfer wordt afgerond op hele en halve cijfers, met uitzondering van de 5.5. Voor het toekennen van een 5.0 òf een 6.0 als eindresultaat geldt: ≥ 4.75 en < 5.50 wordt afgerond naar 5.0; ≥ 5.50 en < 6.25 wordt afgerond naar 6.0.

Regeling cijferberekening in de propedeuse

Halverwege de cursus wordt via Blackboard een oefententamen over de tot dan toe behandelde stof aangeboden, opdat studenten kunnen controleren in hoeverre zij deze stof beheersen. Dit oefententamen telt niet mee voor het eindcijfer van de cursus.

De Faculteit Sociale Wetenschappen heeft besloten dat docenten software gebruiken om werkstukken van studenten systematisch op plagiaat te controleren. Bij het constateren van fraude worden disciplinaire maatregelen genomen. Zie ook fraude.

Blackboard

Informatie over de cursus wordt via Blackboard verstrekt: blackboard.leidenuniv.nl

Literatuur

  • R. Siegler, J. DeLoache, N. Eisenberg (2014). How Children Develop 4th edition. New York: Worth Publishers.
  • Wetenschappelijke artikelen (aangeboden op Blackboard)
  • Informatie aangeboden op Blackboard (o.a. collegesheets en artikelen) behoort tot de tentamenstof.

Boekenbalie

  • De boeken zijn goedkoop verkrijgbaar via de boekenbalie van de studievereniging Labyrint op vertoon van je lidmaatschapspasje van Labyrint. Of anders bij de academische boekwinkels.

Keuzevakstudenten

Schrijf je voor elk keuzevak Psychologie apart in. Studeer je aan de Universiteit Leiden, maar ben je geen psychologiestudent? Of ben je een student van een andere Universiteit/ Hogeschool en wil je in Leiden bij Psychologie een keuzevak volgen? Raadpleeg eerst de informatie over de keuzevakken

Contact

Drs. L. Ketelaar
Kamer 3B33
Telefoon: +31 (0)71 527 6665
E-mail: lketelaar@fsw.leidenuniv.nl